Het college heeft met de Utrechtse woningcorporaties een Volkshuisvestelijk Akkoord ondertekend, waarin onder meer afspraken zijn gemaakt over de verkoop van sociale huurwoningen. Als onderbouwing voor deze instemming wordt verwezen naar een Ortec‑rapportage uit april 2024, terwijl de wetgever voor het beoordelen van de financiële positie van corporaties drie continuïteitsratio’s hanteert en het stadsbestuur hierover de gemeenteraad nadien niet meer heeft geïnformeerd. Sinds de behandeling van de Ortec‑rapportage begin 2024 is geen aanvullende financiële informatie gedeeld waaruit blijkt dat verkoop van sociale huurwoningen noodzakelijk is voor de continuïteit van de corporaties. Ook rapporteert het college de gemeenteraad niet structureel over de vraag of corporaties gemaakte afspraken nakomen en maximaal investeren. De motie verzoekt daarom om de raad jaarlijks te informeren over de bestedingsruimte van alle corporaties, inclusief een toelichting op de betekenis van de continuïteitsratio’s, en daarnaast eenmalig inzicht te geven in de mate waarin corporaties in de afgelopen tien jaar afspraken met de gemeente zijn nagekomen, met jaarlijkse updates daarna.
In de gemeenteraad van 29 januari werd deze motie gesteund door EenUtrecht, BIJ1, LINK, Partij voor de Dieren en UtrechtNu!. De motie is verworpen, met 7 stemmen voor en 36 tegen.
Hoe gaat EenUtrecht hiermee verder?
Volgend jaar in 2027 gaan we dit opnieuw in het debat inbrengen, dan naar aanleiding van de bespreking van de prestatieafspraken van de gemeente met de woningcorporaties.